opgeven, uitdoven 5
Jezus zegt: 'Ik was al verleid in de woestijn. Een storm van verleiding, want toen had Ik alleen de zwakte van materieel voedsel. Nu had Ik honger naar geestelijk voedsel en honger naar moreel voedsel, en er was geen brood voor Mijn geest en brood voor Mijn hart. Niet langer God voor Mijn geest. Niet langer genegenheid voor Mijn hart. En kijk, nu, dun als een windvlaag, dringt door, als de steek van een bij, irriterend als slangengif, de Stem van Lucifer. Een fluit die zachtjes speelt, zo zacht, zo zacht dat hij onze alerte aandacht niet opwekt. Hij dringt door met de verleiding van zijn magische harmonie, doet ons dutten, lijkt een troost, heeft de schijn van bovennatuurlijk comfort. Oh! Eeuwige bedrieger, hoe subtiel ben jij! Het ik/zelf/ego vraagt alleen maar om hulp. En het lijkt erop dat dat geluid helpt. Woorden van medeleven en begrip, zoet als liefkozingen op een koortsig voorhoofd, verzachtend als zalf bij brandwonden, adembenemend als royale wijn geschonken aan wie aan ...